Home
 
About Me
Concerts
Press
Compositions
Score samples
Audio/Video
Cookie info
 
 
Contact Information  




« back

Planctus Cygni I-III

Voor sopraan, arabische sopraan, duduk/fujara, harp en kamerkoor
Geschreven in opdracht van het Nederlands Gregoriaans Festival en November Music.

Drie concerten door Collegium Vocale Eindhoven o.l.v. Ruud Huijbregts, met Rianne Wilbers en Sabra El Bahri Khatri (sopraan), Raphaela Danksagmueller (duduk, fujara) en Beate Loonstra (harp):
14 juni 2019 , 20:00, Den Bosch Grote Kerk, in het kader van het Nederlands Gregoriaans Festival
22 juni 2019, 15:00, Eindhoven Catharinakerk
10 november 2019, 16:15, Den Bosch Grote Kerk in het kader van November Music
Klankbeeld van Planctus Cygni deel 1

Planctus Cygni is een anoniem gedicht uit 850 na Chr., waarin het verhaal wordt verteld van een zwaan die de zee op vliegt, de weg kwijtraakt, hopeloos verdwaalt en bijna verdrinkt, maar uiteindelijk weer land vindt.
Maar dat is wel een ander land dan waar hij vandaan kwam. Vanaf nu is hij een ‘exulata’, ‘al-manfa’, een vreemdeling.
Toen ik Planctus Cygni las, zag ik meteen een link met de vluchtelingencrisis in Europa. En daarmee gaat Planctus Cygni over de communicatie tussen west en oost.

Tegelijkertijd vond ik het muzikaal ook ongelooflijk spannend om onze westerse klanken te vermengen met die prachtige oosterse. En dat hebben Festival November Music en het Nederlands Gregoriaans Festival mogelijk gemaakt door me beiden compositie-opdrachten te verstrekken voor Planctus Cygni.
Het leverde wat mij betreft een zee van nieuwe mogelijkheden en muzikale landschappen op voor zowel de solisten als voor het koor en ik verwacht zeker ook voor de luisteraar.

In de volledige versie van Planctus Cygni kun je in de drie delen een geleidelijke verschuiving horen van alleen latijnse teksten in deel 1, naar meer en meer latijn vermengd met arabisch in de delen 2 en 3. Ook in de klanken van de verschillende delen is die langzame verschuiving waar te nemen. Zowel solisten als koor voegen zich aanvankelijk met westerse noten naar de latijnse strofen van het gedicht. De duduk, met haar aparte timbre en glijdende tonen is het enige vreemde element in dit eerste deel.
In het tweede deel komt de vluchtelinge, al-manfa, voor het eerst voorzichtig met haar eigen oosterse klanken naar buiten, en lijkt de tot dan toe volledig westers zingende sopraan daar ook wel iets van over te willen nemen.
En in deel 3 zingen beide solistes zowel westerse als oosterse melodielijnen en teksten door elkaar. Ook in het koor kun je die lijnen steeds meer horen. Want zoals gezegd, Planctus Cygni gaat wat mij betreft over communicatie tussen west en oost. Ik ben er namelijk van overtuigd dat communicatie tussen de verschillende culturen uiteindelijk de beste manier is om er samen op den duur uit te komen in Europa: Concurrite omnia Alitum et conclamate Agmina: Join together, all winged creatures, and sing together all of you!
Als componist hoop ik daar met deze compositie op mijn manier iets aan bij te kunnen dragen.

The lament of the Swan
Planctus Cygni

Clangam filii O children, I shall sing
Ploratione una a lamentation
  
Alitis cygni, of a winged swan
Qui transfretavit aequora. which crossed the great waters.
O quam amare O how bitterly
Lamentabatur, arida it lamented,
  
Se dereliquisse having relinquished
Florigera the dry flowery land
Et petisse alta and sought the high
Maria; seas;
Ajens: ?Infelix sum crying: ?Unhappy
Avicula, small bird that I am,
Heu mihi, quid agam alas, what may I do
Misera? in my misery?
  
Pennis soluta I cannot now
Inniti rest on my wings
Lucida non potero all brightness dissolves
Hic in stilla. in the rain.
Undis quatior, I am shaken by the waves,
Procellis storms
Hinc inde nunc allidor buffet me hither and thither
Exulata. an exile
  
Angor inter arta I am narrowly enclosed within
Gurgitum cacumina. the canyons of the great waves.
Gemens alatizo Crying, my wings beat,
Intuens mortifera, considering death,
Non conscendens supera. not mounting above it.
Cernens copiosa I see abundant
Piscium legumina, good food for the fishes,
Non queo in denso But I may not, in the deep
Gurgitum assumera whirlpools, gather
Alimenta optima. this delicate food.
  
Ortus, occasus, O East, O West,
Plague poli, O the regions of the poles,
Administrate give to me
Lucida sidera. the brightness of the stars;
Sufflagitate demand of
Oriona, Orion.
Effugitantes that they flee and be forgotten,
Nubes occiduas' those destroying clouds'
  
Dum haec cogitarem tacita, While the bird fell silent,thinking on these things
Venit rutila Came the first blush of
adminicula aurora. rescuing dawn.
Oppitulata afflamine A whispering breeze assisted,
Coepit virium the bird received strength
Recuperare fortia. and recovered more strongly.
  
Ovatizaans Celebrating
Jam agebatur now it was carried
Inter alta among the high
Et consueta nubium familiar crowd
Sidera. of stars.
Hilarata Cheerful
Ac jucundata, and joyous
Nimis facta, beyond measure,
Penetrabatur marium it passed through the
Flumina streams of the seas.
  
Dulcimode cantitans Singing very sweetly
Volitavit ad amoena it flew to the pleasant
Arida. dry land.
Concurrite omnia Join together, all
Alitum et conclamate winged creatures, and sing together
Agmina: all of you:
  
Regi magno to the mighty King
Sit gloria be glory.